De wraak van de Vries

24_mini-P1030726.jpg

Eerder vertelden we al over hoe soldaat De Vries zijn vrijkaartje weg gaf en daarmee bijna in de gevangenis belandde. Maar het verhaal was daarmee nog niet uit. De Vries vertelt verder: “Broerse had me dus wel een loer gedraaid en daar heb ik hem later flink voor te pakken gehad. Als we weg gingen uit Kampen met de trein dan mochten we alleen met de militaire trein mee. Alleen officieren mochten met de burgertrein.

Maar als je na het avondappel nou heel hard liep naar het station, dan had je soms geluk dat je nog op de gewone burgertrein kon springen die dan net weg reed. We sprongen er al rijdend nog op, dat kon toen nog met die treinen. Dus kunst was om dat zo snel en zo laat te doen, dat niemand je zag. Maar op die ene dag ging dat dus niet goed. De mensen van de spoorwegen zagen mij en Broerse op de burgertrein springen. We zagen ze nog kijken en wisten direct hoe laat het was: dat gingen ze door bellen aan Amersfoort, waar onze trein moest stoppen!” “Dus vlak voor Amersfoort gingen Jan Broerse en ik op de WC van de trein zitten met de deur op slot en ik zeg: ‘Jan, je kan er de donder op zeggen dat ze op het perron van die Kalkpotten klaar staan om ons uit de trein te halen. Dus weet je wat we doen? Als we stil staan trek ik de deur open, springen we er tegelijk uit en dan ga jij rechts en ik links, en misschien komen we dan allebei weg.’ 

“En zo gebeurde het. We komen aan in Amersfoort en toen we bijna stil stonden trok ik de deur open en Broerse springt uit de trein. Maar in plaats van ook te springen deed ik snel de deur achter hem weer dicht en bleef lekker zitten. Broerse rende recht in de klauwen van de Militaire Politie en ging gelijk achter slot en grendel.” “Ja, dat was misschien wel een beetje gemeen van me, maar hij had mij eerder ook te pakken genomen, hè. Toen de trein weer reed ben ik gewoon in de coupé op een stoel gaan zitten tegenover een stel officieren. Ze zeiden het natuurlijk niet, maar die lui hadden zo’n brede grijns op hun kop, die moeten alles hebben gezien.”

Foto: Roelof de Vries (1932) in 2017 (Foto Jobbe Wijnen).