De vader van Helga Jensma

19_zuiderz_Jensma_131853.jpg

Helga Jensma uit Borne mailde ons met het verhaal over haar vader: “In 1958 werd mijn vader 's nachts thuis opgehaald door een indrukwekkend verlichte ambulance. Hij bleek een kanjer van een galsteen te hebben. Omdat er na de operatie allerlei complicaties optraden heeft hij ruim 3 maanden (!) in het ziekenhuis doorgebracht. Vanwege de Spaanse Griep mochten wij niet altijd mee.

Ik was 7, mijn broertje Ernst was 4. Mijn moeder en ik liepen daarna steeds vanuit ons huis aan de Langegeer langs de Leede van en naar het ziekenhuis. Ik op de stoep, zij over de rijweg, waar nauwelijks auto's kwamen. We keken dan steeds even over de geparkeerde auto's naar elkaar. Ik herinner me de wachtruimte links van de poort en de grote klok waarvan de grote zwarte wijzers maar langzaam naar het uur kropen waarop we eindelijk werden toegelaten...over de binnenplaats naar de ingang van de verpleegafdelingen. De geur was zwaar, maar het weerzien maakte alles goed. We kregen altijd een dadel uit zo'n langwerpig doosje van ‘J.A’. 

Een assistent van Professor Koreman heeft mijn vader geopereerd. Helaas zijn daarbij galkanalen beschadigd die zijn buikholte op stelten hebben gezet en mijn vader bijna het leven hebben gekost. Toen ze hem open maakten, omdat de pijn ondraaglijk werd stond de buikholte zo onder druk dat de spuiter de operatiekamer onbruikbaar maakte en er verhuisd moest worden!” Gelukkig is het allemaal goed gekomen met mijn vader.

Foto: De vader van Helga Jensma rond de tijd van de operatie.